Achtergrond informatie
Verminderde eetlust (anorexie) en gewichtsverlies in de palliatieve fase hebben vaak meerdere oorzaken. Mensen eten minder, maar de stofwisseling kan ook veranderen door ziekte. Het lichaam kan daardoor voeding minder goed gebruiken, en dat kan grote invloed hebben op de conditie en kwaliteit van leven van patiënten. De richtlijn beschrijft hoe zorgverleners deze klachten kunnen herkennen, uitleggen en behandelen, met aandacht voor diagnostiek, voorlichting en het bepalen van doelen en passende interventies in de laatste levensfase.
De belangrijkste wijzigingen t.o.v. de vorige versie (2013) van deze richtlijn zijn:
- Het format en de opbouw van de richtlijn zijn aangepast, zodat het beter aansluit bij recente versies van de richtlijnen palliatieve zorg.
- Voor de vaststelling van ondervoeding worden de GLIM-criteria gebruikt.
- Er wordt een advies gegeven over screening op ondervoeding in de palliatieve fase.
- Er zijn aparte (consensus-based) modules over voorlichting, bewegingsinterventies, psychosociale zorg en organisatie van zorg.
- Het systematisch literatuuronderzoek over voedingsinterventies is geactualiseerd.
- Er is een systematisch literatuuronderzoek verricht over medicamenteuze behandeling van anorexie en gewichtsverlies bij patiënten met kanker. Aan de hand hiervan zijn de adviezen t.a.v. de rol van corticosteroïden en progestativa bij de behandeling van anorexie en gewichtsverlies aangepast.